Welke oplossing per deeltraject?

In de vorige nieuwsbrief vertelden we al dat we komende tijd het ontwerp op hoofdlijnen (het voorkeursalternatief) verder gaan uitwerken tot een Voorlopig Ontwerp. Dit betekent dat we per gedeelte van de dijk naar de opgave gaan kijken: hoe hoog en breed moet de dijk op die plek worden? In 2017 hebben we het voorkeursalternatief per deeltraject vastgesteld. Hoe ziet de opgave er nu uit?

Klooienberg en Westerveld: landzijde van de dijk

Over het algemeen is de opgave van de Stadsdijken niet hoger geworden. Op verschillende plekken zelfs iets lager dan waar we in een eerder stadium van uit gingen. Wel moeten we op een aantal plekken de dijk anders versterken dan we met ons Voorkeursalternatief hadden bedacht. Onder andere bij Wijkboerderij de Klooienberg (deeltraject 4c) en Westerveld-Noorderkolk (deeltraject 5a en b) bleek het niet mogelijk aan de waterzijde van de dijk de grond te verbeteren. Dit was bedacht om te voorkomen dat er water onder de dijk door komt (piping), maar blijken met de nieuwste inzichten helaas niet effectief genoeg. We moeten dus op deze locaties (pdf, 1.9 MB) aan de landzijde van de dijk oplossingen bedenken. Dat is een aardige puzzel; deze locaties hebben namelijk aan de landzijde ecologische, archeologische of cultuurhistorische waarden. Deze waarden willen we zo min mogelijk aantasten. We werken de ontwerpen de komende periode verder uit, samen met bedrijven en andere partijen die direct grenzen aan deze deeltrajecten.

Toch een dijk of constructie

Bij de Rieteweg, Katwolderweg en Gasthuisdijk (deeltrajecten 1b en 2a) hadden we in het voorkeursalternatief vastgelegd om zandzakken als maatregel te gebruiken. De opgave in deze deeltrajecten is echter hoger geworden (maximaal ca. 90 cm). Dit kunnen we niet met zandzakken oplossen. Daarom moeten we hier toch een permanente kering maken, zoals een dijk of constructie.