Maaien


Maaiplanning

Onze medewerkers maaien het gras langs de vele watergangen. We hebben een actuele maaiplanning die u kan inzien. De weergave van de planning is in blokken van twee weken. Deze planning kan dagelijks wijzigen. Het smalspoorgebied en stedelijk gebied worden niet op de maaikalender ingevuld.

Planningsmaaikaart

Op de ‘plannings-maaikaart’ staat waar en wanneer wij het onderhoud uitvoeren.

Hoe-maaikaart

Op de ‘hoe-maaikaart’ staat aan welke zijde van de watergang de maaimachine rijdt.

Gebruik maaiplanning:

Typ straatnaam, plaatsnaam in het zoekvak en kies vervolgens uit de lijst. Klik op de gekleurde planningslijn voor weeknummer informatie.

Wat maait het waterschap en hoe vaak?

Het waterschap maait dat deel van de sloot dat nodig is om de waterpeilen te kunnen handhaven, dus alleen de planten die het waterpeil belemmeren. De grootte van de sloot en hoeveel water de sloot moet kunnen aan- of afvoeren bepaalt hoeveel en hoe vaak er gemaaid moet worden.

Langs sommige sloten liggen onderhoudspaden. Hier rijdt het waterschap overheen om de sloot te kunnen maaien. Om er veilig overheen te kunnen rijden, worden de onderhoudspaden die in eigendom van het waterschap zijn vanaf half mei gemaaid.

Als er geen onderhoudspaden liggen, onderhoudt het waterschap vanuit het aangrenzende land of wegberm. Bij enkele watergangen onderhoud het waterschap met een speciale maaiboot.

De vrijkomende planten worden op het onderhoudspad gelegd, op de rand van de sloot of in het aangrenzende land.

Waarom en wanneer maait het waterschap?

Het waterschap zorgt ervoor dat het waterpeil in de sloten, kanalen en weteringen op het juiste niveau is, voor zover de weersomstandigheden dat mogelijk maken. Het waterpeil in de sloten wordt bepaald door:

  • De instellingen van de stuwen en de gemalen
  • De grootte van de sloot
  • De planten in de sloot.

In het groeiseizoen houden de waterplanten de water aan en afvoer  tegen, waardoor het waterpeil verhoogd. Om ervoor te zorgen dat het waterpeil niet “te hoog” wordt, maait het waterschap de planten waar nodig af.

Wanneer maait het waterschap?

Het waterschap bepaalt waar tijdens het groeiseizoen de prioriteiten voor het maaionderhoud liggen. In het algemeen geldt dat wij in droge tijden vooral de sloten maaien die ervoor zorgen dat we water kunnen aanvoeren. Wanneer sprake is van natte omstandigheden krijgen de sloten, die het water moeten afvoeren de  prioriteit.

Hoe houden we rekening met aanwezige planten- en dierensoorten?

Om schades aan plant- en diersoorten te voorkomen werkt het waterschap volgens de Gedragscode Flora- en Faunawet voor waterschappen (m.i.v 1 januari 2019 Wet Natuurbescherming). Dit houdt in:

Maaiperiodes en voortplantingsperiode

Het waterschap start in principe met maaien vanaf 1 juni vanwege de noodzaak om het water aan- en af te voeren.  De onderhoudspaden worden daar waar nodig vanaf half mei gemaaid, vanwege de veiligheid. Het maaien start dus nog tijdens de voorplantingsperiode. Dit is toegestaan mits de volgende maatregelen genomen worden. Door veranderende weersomstandigheden kan de datum 1 juni zo nodig worden vervroegd.

Beschermde plant- en diersoorten

Alle medewerkers die maaien hebben een overzicht bij zich waar de bij ons bekende beschermde plant- en diersoorten langs de sloten staan. Zij houden hier zoveel mogelijk rekening mee. Als ze een nest zien, maaien ze erom heen.

We maaien alleen de waterplanten die het waterpeil belemmeren. We laten daar waar het kan de begroeiing in de slootkanten zoveel mogelijk staan.

Rekening houden met waterdieren

In principe maaien we met de stroming van het water mee, zodat vissen weg kunnen zwemmen. Onze medewerkers letten goed op of er veel vissen in de vrijkomende planten verstrikt zitten en zorgen ervoor dat zo min mogelijk vissen op de kant komen te liggen. Als we vissen op de kant zien liggen dan zetten we die terug. We stemmen het maaien af op de watertemperatuur. Is het water te warm dan maaien we niet. Bij maaien in te warm water kan een zuurstoftekort ontstaan. Zonder zuurstof kunnen de vissen niet leven.

Maaien natuurvriendelijke oevers en waterbergingen

Langs sommige sloten liggen natuurvriendelijke oevers en waterbergingen. De natuurvriendelijke oevers zijn brede stroken met water- en oeverplanten. De natuurvriendelijke oevers worden eens in de paar jaar gemaaid. Dit gebeurt op een moment dat de planten en dieren hier zo min mogelijk schade van ondervinden.

De waterbergingen zijn verlaagde stroken grond of percelen langs de sloot. Bij een “hoger” waterpeil komen de waterbergingen onder water te staan. Met de omwonenden is afgestemd hoe vaak de waterberging wordt gemaaid.

Ook hier houden we bij het maaien rekening met de aanwezige plant- en diersoorten.

In een aantal bergingen zijn al bijzondere soorten aangetroffen, zoals Zonnedauw, orchideeën en Wolfsklauw en zien we veel verschillende soorten insecten, vlinders, vogels en sporen van zoogdieren.

Maaibeheer

Het maaibeheer voor watergangen en waterbergingen is voor het zuidelijk gebied vastgelegd in het onderhoudsbeeldenboek. Voor het noordelijke deel is dit vastgelegd in onderhoudspakketten. Dit verschil heeft te maken met de fusie van waterschap Reest en Wieden en Waterschap Groot Salland en wordt op termijn geharmoniseerd.

Illustraties voor en na het maaien

Zowel de onderhoudsbeelden als de onderhoudspakketten zijn een illustratie van wat we met het onderhoud willen bereiken. De onderhoudsbeelden/-pakketten worden weergegeven met schematische dwarsprofielen, foto's en korte beschrijvingen. Uitgangspunt bij de watergangen is het beeld zoals de watergang er ná het maaien uit moet zien.

Een deel van de onderhoudsbeelden/ -pakketten is zowel toepasbaar in het landelijk als stedelijk gebied. Andere alleen in het stedelijk gebied, waar droge taluds worden onderhouden door andere partijen dan het waterschap.

Bescherming

Ten slotte besteedt het onderhoudsboek aandacht aan de verschillende dier- en plantensoorten. De maaiers houden extra rekening met beschermde soorten uit de Wet natuurbescherming. Er zijn ook soorten vermeld die voor veel overlast kunnen zorgen waarbij instructies worden gegeven over wat de onderhoudsmedewerkers daarmee moeten doen.

half onder water foto

Verwijderen van exoot Cabomba

2De waterplant cabomba (ook de waterwaaier genoemd) zorgt voor overlast. Sloten groeien dicht en andere waterplanten krijgen geen kans meer. Daarnaast kan kanoën moeilijk zijn en hebben vissers last van de plantenstengels. De plant doet het goed in ondiep water en verspreidt zich erg gemakkelijk. Elk stengeltje wordt een nieuw plantje. Daarom is een sloot maaien op onze gebruikelijke manier niet zinvol.